Don Boscocollege Zwijnaarde

School met zin

Leren op DBZ

Evaluatiebeleid

Evalueren doen je niet zomaar: onderstaande evaluatiepraktijk kadert in onze visie op evalueren.

Inhoud

Evaluatiepraktijk 1e graad

De klemtoon in de eerste graad ligt op dagelijks werk. De aankondiging van toetsen gebeurt altijd via de elektronische agenda op Smartschool en in de papieren planningsagenda in de klas.

Dagelijks werk (DW)

Dagelijks werk Wat? Regels?
1. kleine overhoring (KO)
  • In principe worden alle toetsen aangekondigd behalve als de leerkracht een andere afspraak maakt in het begin van het schooljaar. In dit geval is de leerstof beperkt tot de voorgaande les. Een onverwachte toets op het einde van een les over deze les is mogelijk.
  • De omvang van de leerstof is beperkt: voor grote vakken kunnen KO’s over maximaal drie à vier lessen handelen, voor kleinere vakken over maximaal twee à drie lessen.
  • De KO is beperkt in tijd.
  • Geen KO’s de dag na een vakantie.
2. taalvaardigheid Alle soorten taaltaken waarbij leerlingen hun schrijf-, spreek-, lees en luister- vaardigheden moeten gebruiken.
3. praktijkopdracht Praktische oefeningen in de les natuurwetenschappen, wetenschappelijk werk, techniek, PO en MO.
4. presentatie Mondelinge voorstelling van een opdracht in groep of klassikaal op basis van vooraf vastgelegde criteria.
5. groepswerk Groepsopdrachten in de klas waarbij het proces, de samenwerking, de individuele betrokkenheid en het product worden bekeken.

Herhalingstoetsen (HT)

Er zijn in de eerste graad HT’s voor: wiskunde, Frans, Engels, klassieke studiën, natuurwetenschappen, geschiedenis, wetenschappelijk werk, socio-economische initiatie, Latijn en Grieks.

  • Minstens één week vooraf aangekondigd.
  • Maximum één herhalingstoets per dag, niet op een dag na een vakantie.
  • Maximum drie herhalingstoetsen per week.
  • Moeten in principe ingehaald worden na overleg met de vakleerkracht.
  • Handelen over grotere leerstofgehelen. Dit is afhankelijk van de vakken.
  • Mag een volledig lesuur duren (afhankelijk van grootte van de toets).

Eindtoetsen (ET)

Er zijn ET’s op het einde van het eerste jaar voor wiskunde, Nederlands, Frans en klassieke studiën. Op het einde van het tweede jaar voor wiskunde, Nederlands, Frans, klassieke studiën en Engels.
  • ET’s evalueren een groter leerstofgedeelte dat handelt over de laatste periode van het schooljaar en enkele essentiële leerstofgedeeltes van het voorbije jaar.
  • Tijdens de eindtoetsenperiode is er studietijd in de namiddag.

Berekening van punten in de 1e graad

Het puntengewicht van een vak is evenredig met het aantal lesuren per week (lesuren ter ondersteuning wiskunde, Nederlands en Frans in de eerstes tellen hierbij niet mee). Voor heel wat vakken wordt er enkel via DW geëvalueerd. Voor de andere vakken is de puntenverhouding DW–HT–ET:

Eerstes DW HT ET
Nederlands 85% - 15%
Frans 50% 35% 15%
wiskunde 50% 35% 15%
geschiedenis 60% 40% -
natuurwetenschappen 55% 45% -
klassieke studiën 50% 35% 15%
Tweedes DW HT ET
Nederlands 85% - 15%
Frans 45% 40% 15%
Engels 45% 40% 15%
wiskunde 45% 40% 15%
geschiedenis 50% 50% -
natuurwetenschappen 60% 40% -
socio-economische initiatie 60% 40% -
wetenschappelijk werk 50% 50% -
Latijn 45% 40% 15%
Grieks 45% 40% 15%

Evaluatiepraktijk 2e–3e graad

Doel van evaluatie

  1. We evalueren om de evolutie van de leerling zichtbaar te maken en het leerproces te begeleiden en bij te sturen. Op die manier willen we het leervermogen van de leerling verhogen. Deze visie sluit aan bij het integraal en uniek mensbeeld, beschreven in het opvoedingsproject “Opvoeden met Don Bosco als gids en tochtgenoot”: elk individu groeit, ontwikkelt, ontdekt en gebruikt zijn talenten op zijn tempo.
  2. We evalueren om het onderwijsproces te verbeteren. Dankzij de leerprestaties van de leerlingen krijgen de leerkrachten interessante informatie om te reflecteren over het lesgeven en het didactisch handelen.
  3. We evalueren om de leerlingen te beoordelen en oriënteren op basis van de leerplandoelen.

Gespreide evaluatie

De gespreide evaluatie bestaat uit dagelijks werk en proefwerken.

Dagelijks werk (DW)

Om het dagelijks leerproces te begeleiden en te beoordelen zijn er verschillende evaluatievormen zoals kleine overhoringen, herhalingstoetsen, taaltaken, practica, presentaties, duo-of groepswerken, boekopdrachten en andere individuele opdrachten. De leerkrachten plannen het tijdstip of de deadline van de evaluaties op de elektronische agenda (Smartschool). Om misverstanden te vermijden meldt de leerkracht mondeling het tijdstip van een toets en de deadline van een taak aan de leerlingen die de datums kunnen noteren in hun planningsagenda.

Dagelijks werk Wat? Regels?
1. kleine overhoring (KO)
  • Aangekondigd, behalve als de leerkracht een andere afspraak maakt in het begin van het schooljaar. In dit geval is de leerstof beperkt tot de voorgaande les.
  • De omvang van de leerstof is beperkt.
  • De overhoring is beperkt in tijd.
  • Geen kleine overhoring de dag na een vakantie.
2. herhalingstoets (HT)
  • Minstens één week vooraf aangekondigd.
  • Maximum één herhalingstoets per dag.
  • Maximum drie herhalingstoetsen per week.
  • Geen herhalingstoets de dag na een vakantie.
  • De leerling moet de herhalingstoets inhalen na overleg met de vakleerkracht.
  • Toets over een groot leerstofgeheel:
    • éénuursvak: leerstof van vijf en meer lesuren,
    • twee-uursvak: leerstof van acht en meer lesuren,
    • meeruursvak: leerstof van tien en meer lesuren.
3. taaltaak Het doelgericht gebruik van een taal in een zo authentiek mogelijke context (schrijven, spreken, luisteren, lezen).
4. practicum Praktische oefeningen in de les biologie, fysica en chemie.
5. presentatie Mondelinge voorstelling van een opdracht.
6. groepsopdracht
  • Uitvoering van een opdracht via samenwerking en taakverdeling.
  • Groepswerk buiten de lescontext is tot een minimum beperkt.
7. uitgebreide individuele opdracht Uitgebreide opdrachten (o.a. boekopdrachten) kondigt de leerkracht minstens zes weken voor de deadline aan.

Proefwerken (PW)

De proefwerken in december en juni testen de beheersing van de leerdoelen en de verwerking van een grote hoeveelheid basisleerstof op het eind van een semester. Een proefwerkvoorbereidende week (waarbij er geen evaluaties zijn die thuis voorbereid moeten worden) vóór de aanvang van de proefwerken geeft de leerlingen de tijd om de proefwerken voor te bereiden. Tijdens de proefwerkperiode is er studietijd in de namiddag.

Inhoud en berekening van de rapporten in 2e en 3e graad

  1. Perioderapport
    = overzicht van het precentage voor dagelijks werk per vak en terugblik op de vorige perioderapporten
    Voor de bereking van het vaktotaal dagelijks werk worden alle evaluaties voor dagelijks werk van die periode samengeteld.
  2. Semester- en jaarrapport
    = samenvatting van alle evaluaties van het semester of jaar
    Er zijn twee semesters: een eerste tot de kerstvakantie, een tweede tot het einde van het schooljaar.
    We onderscheiden dagelijks werk (DW) en proefwerk (PW). Voor de berekening van het vaktotaal dagelijks werk worden alle evaluaties voor dagelijks werk samengeteld. Op het jaarrapport hanteren we geen vaste weging tussen het 1e en 2e semester. Voor de verrekening van PW in het vaktotaal verwijzen we naar onderstaande tabel.
  3. Gedetailleerde cijfers en feedback
    De rapporten geven een tussentijdse stand van zaken zonder gedetailleerde cijfers. Individuele evaluaties en feedback kunnen ouders en leerlingen raadplegen in het de module ‘Resultaten’ op Smartschool.

Verhouding DW en PW binnen het vaktotaal

Puntenverhouding DW/PW
  2e graad 3e graad
DW PW DW PW
vak zonder PW 100% - 100% -
vak met 1 PW 75% 25% 65% 35%
vak met 2 PW 60% PW1: 15%
PW2: 25%
50% PW1: 20%
PW2: 30%

Aantal proefwerkperiodes per vak

Proefwerkperiodes derdes
vak GR LA EC NE FR EN WI FY BIO CH FIL SO/PS CW
ECWE - - 2 2 2 2 2 1 1 1 - - -
HUWE - - - 2 2 2 2 1 1 1 - 2 -
MOTA - - - 2 2 2 2 1 1 1 - - -
NAWE - - - 2 2 2 2 2 2 2 - - -
SPWE - - - 2 2 2 2 2 2 2 - - -
LA - 2 - 2 2 2 2 1 1 1 - - -
GRLA 2 2 - 2 2 2 2 1 1 1 - - -
Proefwerkperiodes vierdes
vak GR LA EC NE FR EN DU WI FY BIO CH FIL SO/PS CW
ECWE - - 2 2 2 2 1 2 1 1 1 - - -
HUWE - - - 2 2 2 - 2 1 1 1 1 2 -
MOTA - - - 2 2 2 2 2 2 1 2 - - 1
NAWE - - - 2 2 2 1 2 2 2 2 - - -
SPWE - - - 2 2 2 - 2 2 2 2 - - -
LA - 2 - 2 2 2 1 2 2 1 2 - - -
GRLA 2 2 - 2 2 2 - 2 1 1 1 - - -
Proefwerkperiodes vijfdes
vak GR LA EC NE FR EN DU WI FY BIO CH WE GE GW CW
ECMT - - 2 2 2 2 2 2 - - - 2 2 - -
ECWI - - 2 2 2 2 1 2 2 2 2 - 2 - -
HUWE - - - 2 2 2 1 2 - - - 2 2 - -
MTWE - - - 2 2 2 2 2 2 2 2 - 2 - -
MTWI - - - 2 2 2 2 2 2 2 2 - 2 - -
WEWI6/8 - - - 2 2 2 1 2 2 2 2 - 2 - -
SPWE - - - 2 2 2 - 2 2 2 2 - 2 - -
GRWI6/8 2 - - 2 2 2 - 2 2 2 2 - 2 - -
LAMT - 2 - 2 2 2 2 2 - - - 2 2 - -
LAWE - 2 - 2 2 2 - 2 2 2 2 - 2 - -
LAWI6/8 - 2 - 2 2 2 - 2 2 2 2 - 2 - -
Proefwerkperiodes zesdes
vak GR LA EC NE FR EN DU WI FY BIO CH WE GE SP GO
ECMT - - 2 2 2 2 2 2 - - - 2 2 - 1
ECWI - - 2 2 2 2 1 2 1 1 1 - 2 - 1
MTWE - - - 2 2 2 2 2 2 2 2 - 2 - 1
MTWI - - - 2 2 2 2 2 1 1 1 - 2 - 1
WEWI6/8 - - - 2 2 2 1 2 2 2 2 - 2 - 1
SPWE - - - 2 2 2 - 2 2 2 2 - 2 - 1
GRWI6/8 2 - - 2 2 2 - 2 1 1 1 - 2 - 1
LAMT - 2 - 2 2 2 2 2 - - - 2 2 - 1
LAWE - 2 - 2 2 2 - 2 2 2 2 - 2 - 1
LAWI6/8 2 - - 2 2 2 - 2 1 1 1 - 2 - 1
Binnen één proefwerkperiode is het soms mogelijk dat een vak meer dan één proefwerk heeft.

Rapportering

Het rapport is het verslag van de toetsing en evaluatie. Via de module ‘Resultaten’ in Smartschool kunnen de leerlingen en ouders de resultaten en feedback raadplegen van de aparte toetsen en evaluaties.

Perioderapport

Perioderapporten informeren de leerling over de evolutie van zijn leerproces. De leerling kan zijn resultaten vergelijken met vroegere prestaties en zijn vorderingen vaststellen. Op het rapport formuleert de klassenleraar persoonsgerichte feedback. De vakleerkracht kan commentaar schrijven die de leerling vooruit helpt in het leren van het vak.

Semesterrapport

Het semesterrapport in december is een samenvatting van alle evaluaties van het eerste semester. Het is een beoordeling van het eerste semester en is toekomstgericht. Wat kan de leerling goed en minder goed? Welke tekorten kan de leerling goedmaken? Welke remediëring kan de leerling vooruit helpen?

Jaarrapport

Het jaarrapport is een samenvatting van alle evaluaties van het voorbije schooljaar. Op basis van dit rapport oriënteert de klassenraad de leerling in een toekomstgericht leertraject.

Problemen

De graadcoördinator is het aanspreekpunt indien er vragen, onduidelijkheden of misverstanden zijn.